ECLI:NL:GHAMS:2006:AY9530
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.H.M. Possen
- E.M. Vrouwenvelder
- G.W.S. de Groot
- Rechtspraak.nl
Indeling van lineair bewegingssysteem met geleiderail en kogellagers in het Gemeenschappelijk Douanetarief
Belanghebbende, een BV die lineaire bewegingssystemen ontwikkelt en verkoopt, betwistte de indeling van een op maat gemaakte geleiderail met kogellagers door de inspecteur onder post 8482 80 00 van het Gemeenschappelijk Douanetarief (GDT). De inspecteur had een uitnodiging tot betaling van douanerechten uitgevaardigd, welke belanghebbende aanvocht.
De Douanekamer van het Gerechtshof Amsterdam heeft het product onderzocht en vastgesteld dat het een dunne geleiderail van koud getrokken staal betreft met twee wagentjes (casings) voorzien van een circuit van stalen kogels. Het product wordt gebruikt in diverse machines en ook in harddisks. De kern van het geschil betrof de juiste tariefindeling, waarbij belanghebbende pleitte voor post 8431 39 90, terwijl de inspecteur post 8482 80 00 aanhield.
Na uitgebreide bestudering van de feiten, technische kenmerken, eerdere bindende tariefinlichtingen en relevante internationale en nationale regelgeving, concludeerde de Douanekamer dat het product hoofdzakelijk bestemd is als deel van machines voor het hanteren van goederen en niet als zelfstandig kogellager. De kogellagers zijn ondersteunend binnen het geheel en mogen niet los worden beoordeeld. Daarom moet het product worden ingedeeld onder post 8431 39 90 van het GDT.
De Douanekamer verklaarde het beroep van belanghebbende gegrond, vernietigde de BTI van de inspecteur en de uitnodiging tot betaling, en veroordeelde de Staat tot vergoeding van proceskosten en griffierecht. De uitspraak werd gedaan door de voorzitter en twee leden van de Douanekamer op 29 augustus 2006.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het product wordt ingedeeld onder post 8431 39 90 van het Gemeenschappelijk Douanetarief.