ECLI:NL:GHAMS:2006:AV8004
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- O.B. Onnes
- C. Schaap
- L.F. Roseval
- Rechtspraak.nl
Vaststelling waarde bedrijfspand volgens Wet waardering onroerende zaken
Belanghebbende, eigenaar van een bedrijfspand op bedrijventerrein E, betwistte de door verweerder vastgestelde waarde van het pand volgens de Wet waardering onroerende zaken (Wet woz). Beide partijen lieten taxatierapporten opstellen waarin de waarde werd berekend via huurwaardekapitalisatie, maar met verschillende uitkomsten.
Het geschil betrof de juiste huurwaarde per vierkante meter en de kapitalisatiefactor. Verweerder baseerde zijn berekening op vergelijkingsobjecten en stelde een huurwaarde van circa €35 per m² en een kapitalisatiefactor van 8,51 vast. Belanghebbende voerde aan dat de huurwaarde lager moest zijn, mede vanwege de grootte en staat van het pand.
Het Hof oordeelde dat er een verband bestaat tussen oppervlakte en huurwaarde per m², waarbij grotere oppervlakten leiden tot lagere huurwaarden. Het stelde vast dat belanghebbende onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat de vergelijkingsobjecten niet bruikbaar waren. Het Hof stelde de huurwaarde per m² vast op het gemiddelde van beide berekeningen (€32,72) en hanteerde de kapitalisatiefactor van verweerder (8,51).
Hierdoor werd de waarde van het object per 1 januari 1995 vastgesteld op €7.170.000. Daarnaast veroordeelde het Hof verweerder tot vergoeding van proceskosten aan belanghebbende. De uitspraak vernietigde de eerdere beschikking van verweerder en wijzigde deze overeenkomstig.
Uitkomst: De waarde van het bedrijfspand wordt vastgesteld op €7.170.000 per 1 januari 1995.