ECLI:NL:GHAMS:2006:AV2891
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.W.M. Tijnagel
- M.E. van Hilten
- A.J. Roke
- Rechtspraak.nl
Vaststelling dat inspecteur beroepschrift als bezwaarschrift moet behandelen bij nieuwe bindende tariefinlichting
Belanghebbende, een besloten vennootschap, diende op 27 januari 2003 een aanvraag in voor een bindende tariefinlichting (BTI) voor een medisch product, aanvankelijk ingedeeld onder post 9021 10 10 van het Gemeenschappelijk douanetarief (GDT). De inspecteur gaf op 19 mei 2003 een BTI af waarin het product werd ingedeeld onder post 4016 99 88, later gecorrigeerd naar 4008 21 90.
Belanghebbende maakte bezwaar tegen deze indeling, maar de inspecteur wees het bezwaar af en trok de BTI in. Vervolgens gaf de inspecteur op 29 oktober 2003 een nieuwe BTI af met de aangepaste indeling. Belanghebbende diende een beroepschrift in tegen de uitspraak op bezwaar, dat het hof als een bezwaarschrift tegen de nieuwe BTI aanmerkte.
Het hof oordeelt dat het beroepschrift als bezwaarschrift tegen de nieuwe beschikking moet worden behandeld en dat de inspecteur daarop uitspraak moet doen. Omdat het beroep mede gericht is tegen de nieuwe BTI, kan het hof niet inhoudelijk op het geschil ingaan. Er is geen proceskostenveroordeling opgelegd omdat geen sprake was van beroepsmatige rechtsbijstand.
De beslissing werd op 26 januari 2006 in raadkamer genomen en in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de inspecteur moet het beroepschrift als bezwaarschrift tegen de nieuwe BTI behandelen en daarop uitspraak doen.