ECLI:NL:GHAMS:2005:AT6828
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Tilleman
- Den Ottolander
- Van Lingen
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor opzettelijke brandstichting in clubhuis tennisvereniging
De verdachte werd in hoger beroep veroordeeld voor het opzettelijk stichten van brand in het clubhuis van een tennisvereniging, waarbij een gordijn, muur, alarmkast, bank en schilderij beschadigd raakten. Het hof achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte op 24 september 2003 brand heeft gesticht, ondanks zijn ontkenning en bewering van geheugenverlies door alcoholgebruik.
Bewijs bestond uit verklaringen, onder meer van een getuige die het alarm inschakelde, politieonderzoek naar sleutelhouders en telefonische contacten, alsmede rijproeven die de mogelijkheid van verdachte's aanwezigheid ter plaatse bevestigden. Psychiatrische en psychologische rapporten stelden een antisociale persoonlijkheidsstoornis en alcoholafhankelijkheid vast, maar geen pyromanie, waardoor verdachte toerekeningsvatbaar werd geacht.
Het hof sprak verdachte vrij van andere tenlastegelegde feiten wegens onvoldoende bewijs. Gezien de ernst van het feit, de maatschappelijke onrust die brandstichting veroorzaakt, en de eerdere veroordeling van verdachte voor brandstichting, legde het hof een gevangenisstraf van 30 maanden op, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar en bijzondere voorwaarden voor toezicht en hulpverlening. Tevens werden bepaalde inbeslaggenomen goederen onttrokken aan het verkeer.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 30 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met bijzondere voorwaarden, voor opzettelijke brandstichting in een tennisclubhuis.