ECLI:NL:GHAMS:2005:AT4603
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- N.A.M. Schipper
- J.C.W. Rang
- P.J.N. van Os
- Rechtspraak.nl
Participatie kandidaat-notaris in familie onroerendgoedmaatschap geen ongewenste nevenbetrekking voor 2004
De zaak betreft het beroep van een kandidaat-notaris tegen de beslissing van de kamer van toezicht te Arnhem die haar participatie in een onroerendgoedmaatschap van haar familie als een ongewenste nevenbetrekking aanmerkte op grond van artikel 17, derde lid, van de Wet op het notarisambt (WNA).
De kandidaat-notaris participeert sinds 1 maart 2000 passief in een maatschap waarin haar ouders en zus mede-eigenaar zijn van veertien registergoederen. Zij heeft geen actieve rol in het beheer of de transacties en de panden liggen buiten haar werkregio. De kamer van toezicht oordeelde dat deze participatie haar onpartijdigheid en onafhankelijkheid kan beïnvloeden en verklaarde de nevenbetrekking ongewenst.
Het hof stelt vast dat tot 1 augustus 2004 geen formeel wettelijk verbod bestond op handelen en beleggen in registergoederen en dat de participatie van de kandidaat-notaris passief was zonder actief beheer. Het hof vernietigt de beslissing van de kamer en oordeelt dat de participatie in de maatschap tot die datum niet als ongewenste nevenbetrekking kan worden aangemerkt. Na 1 augustus 2004 geldt een wettelijk verbod, maar voortzetting is toegestaan mits het beheer van haar aandeel wordt uitbesteed aan een onafhankelijke rechtspersoon.
De kandidaat-notaris mag haar aandeel in de registergoederen vervreemden ter beëindiging van de maatschap. Het hof wijst het overige beroep af en benadrukt dat voorafgaande goedkeuring van de kamer vereist is bij het treffen van voorzieningen om beïnvloeding uit te sluiten.
Uitkomst: Participatie kandidaat-notaris in familie onroerendgoedmaatschap tot 1 augustus 2004 geen ongewenste nevenbetrekking; voortzetting daarna alleen met beheeruitbesteding en goedkeuring kamer.