ECLI:NL:GHAMS:2004:AR7271
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Onnes
- Schaap
- Steenbergen
- Rechtspraak.nl
Belastingrechtelijke beoordeling verhuur en staking winkelpand met toepassing stakingsvrijstelling
Belanghebbende verhuurde vanaf 1992 een gedeelte van zijn onderneming, bestaande uit een winkelpand met goodwill en inventaris, aan een huurder. In 1997 werd alleen het winkelpand verhuurd, waarna het pand volgens de inspecteur verplicht naar het privévermogen moest worden overgeheveld. Belanghebbende stelde dat dit al in 1992 had moeten plaatsvinden. Het hof oordeelde dat in 1992 de verhuur van het gehele bedrijfspand inclusief goodwill en inventaris plaatsvond, waardoor het pand tot het ondernemingsvermogen bleef behoren. Pas in 1997, bij verhuur van alleen het pand, vond overgang naar privévermogen plaats.
De waarde van het pand per 1997 werd vastgesteld op het gemiddelde van twee taxaties, namelijk ƒ 179.750. De door belanghebbende gestelde hogere boekwaarde wegens aankoopkosten werd niet bewezen. Bij staking van het pandgedeelte in 1997 was de stakingsvrijstelling van ƒ 20.000 van toepassing, ook al had de inspecteur deze aanvankelijk niet toegepast vanwege latere toepassing in 2000. Het bijzondere tarief van 45% werd ambtshalve toegepast op de stakingswinst.
Verder was er discussie over de rente die belanghebbende in 1997 ontving uit een lening aan een derde. Het hof volgde de evenredige toerekening van rente en stelde de rente op ƒ 3.687, verminderd met de rentevrijstelling van ƒ 2.000. Ten slotte werd de inspecteur veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en schadevergoeding wegens onrechtmatige daad in de bezwaarfase.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard, de aanslag verminderd en de inspecteur veroordeeld tot proceskostenvergoeding.