ECLI:NL:GHAMS:2004:AR3911
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Van de Merwe
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt eis notariële akte voor aftrek periodieke giften
Belanghebbende had in zijn aangifte inkomstenbelasting 2002 meerdere giften opgevoerd, waarvan slechts één gift door de inspecteur als periodieke gift werd geaccepteerd. De overige giften werden als andere giften aangemerkt en beperkt aftrekbaar tot maximaal 10% van het verzamelinkomen.
Belanghebbende stelde dat uit de brochure van de Belastingdienst niet duidelijk bleek dat elke periodieke gift een aparte notariële akte moest hebben en dat hij daarom alle giften als periodiek beschouwde. Tevens beriep hij zich op het vertrouwen dat was ontstaan doordat eerdere jaren de giftenaftrek was geaccepteerd.
Het hof oordeelde dat de wettelijke bepalingen duidelijk zijn en dat elke periodieke gift op zichzelf moet berusten op een notariële akte. De rechter mag de innerlijke waarde van de wet niet toetsen en kan geen rekening houden met de kosten van een notariële akte. Het beroep op vertrouwen in de brochure en eerdere acceptatie werd verworpen omdat eerdere aangiften administratief waren afgedaan zonder standpuntbepaling.
Belanghebbendes bezwaar tegen de maximale aftrek van 10% van het verzamelinkomen voor andere giften werd eveneens afgewezen, omdat dit een wettelijke regeling betreft die niet door de rechter kan worden gewijzigd. Het hof verklaarde het beroep ongegrond en wees proceskostenveroordeling af.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag gehandhaafd.