ECLI:NL:GHAMS:2004:AR2961
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Den Boer
- Faase
- Slijpen
- Rechtspraak.nl
Fiscaal geschil over afschrijving van aandelen in vastgoedmaatschappen en vaststelling belastbaar inkomen
Belanghebbende, houdster van participaties in diverse vastgoedmaatschappen die commercieel vastgoed bezitten, betwist de door de inspecteur vastgestelde afschrijving op deze participaties in de inkomstenbelastingaanslag 1999. De kern van het geschil betreft de wijze van afschrijving van de opstalwaarde van de onroerende zaken, waarbij partijen verschillen van mening over de restwaarde, gebruiksduur, en de behandeling van de grondwaarde.
Het hof stelt vast dat de grondwaarde buiten aanmerking blijft voor afschrijving, dat lineaire afschrijving passend is, en dat de gebruiksduur objectief moet worden bepaald. Op basis van deskundige taxatierapporten en de publicatie van Stichting Bouwresearch wordt een gebruiksduur van 30 jaar vastgesteld met restwaarden van 15-20% van de historische kostprijs. De inspecteur heeft onvoldoende bewijs geleverd voor afwijkende restwaarden of gebruiksduren.
Het hof vernietigt de uitspraak van de inspecteur, vermindert de aanslag tot een belastbaar inkomen van ƒ62.733, en veroordeelt de Staat tot vergoeding van de proceskosten en griffierecht. Tevens wordt het onderzoek heropend voor een nadere uitspraak over de schadevergoeding wegens onrechtmatige daad van de Belastingdienst.
Uitkomst: De aanslag wordt verminderd tot een belastbaar inkomen van ƒ62.733 en de Staat wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.