ECLI:NL:GHAMS:2004:AP7189
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Goes
- Rechtspraak.nl
Vermindering WOZ-waarde studentenhuis wegens niet-vergelijkbaarheid met referentieobjecten
Belanghebbende, juridisch eigenaar van een studentenhuis met acht kamers, betwistte de door verweerder vastgestelde WOZ-waarde van €390.705. Verweerder baseerde de waarde op een taxatierapport en vergelijkingsobjecten die volgens belanghebbende niet vergelijkbaar waren vanwege ligging, karakter en inrichting.
Tijdens de zitting verklaarde belanghebbende dat de vergelijkingsobjecten aan de b-laan en c-gracht aanzienlijk verschillen van het object, dat specifiek is ingericht voor studentenhuisvesting. Verweerder erkende de oppervlakte van 247 m², maar hield vast aan de waarde en gebruikte de huurwaardekapitalisatiemethode als onderbouwing.
Het Hof oordeelde dat de vergelijkingsobjecten niet vergelijkbaar zijn en dat verweerder onvoldoende onderbouwing gaf van de huurwaardekapitalisatiemethode. Het object is een woning in de zin van artikel 17 van Pro de Wet WOZ. Het Hof stelde de waarde vast op €230.000 en veroordeelde verweerder in de proceskosten van €12 en griffierechtvergoeding van €27,23.
Uitkomst: WOZ-waarde van het studentenhuis vastgesteld op €230.000 en verweerder veroordeeld in proceskosten.