ECLI:NL:GHAMS:2004:AP7122
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Goes
- Van Rijn
- Rechtspraak.nl
Gebruikelijk loon niet hoger dan overeengekomen salaris bij aanmerkelijk belang werknemer
Belanghebbende was vennoot in een VOF en trad in 1999 in dienst bij een BV waarin hij een aanmerkelijk belang had. De inspecteur stelde het gebruikelijke loon hoger vast dan het door belanghebbende aangegeven salaris op grond van artikel 12a van de Wet op de loonbelasting 1964.
Het Hof overwoog dat het gebruikelijke loon in beginsel niet lager mag zijn dan de WAZ-norm, maar dat als aannemelijk is dat voor soortgelijke dienstbetrekkingen het loon lager is, het loon daarop mag worden gesteld. Belanghebbende had aannemelijk gemaakt dat zijn loon niet hoger is dan het overeengekomen salaris, mede gelet op zijn beperkte capaciteiten, het toezicht waaronder hij stond en het feit dat hij dezelfde werkzaamheden verrichtte als in de VOF.
De inspecteur kon onvoldoende bewijs leveren dat belanghebbende meer uren werkte of dat zijn werkzaamheden een hoger loon rechtvaardigden. Ook het feit dat belanghebbende aandelen en een woning van de BV tegen zakelijke voorwaarden verkreeg, was geen reden om het loon hoger te stellen.
Het beroep van belanghebbende werd gegrond verklaard, de aanslagen werden verminderd en de inspecteur werd veroordeeld in de proceskosten. Het Hof wees tevens op tegenstrijdige verklaringen van B, de directeur van de BV, die het oordeel over het loon bevestigden.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt gegrond verklaard en de aanslagen voor 1999 en 2000 worden verminderd.