ECLI:NL:GHAMS:2004:AP1690
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Haentjens
- De Winter
- Van der Lugt
- Rechtspraak.nl
Veroordeling tot 7 jaar gevangenisstraf voor moord op hulpbehoevende buurman
Verdachte heeft op 31 mei 2003 zijn buurman, een 78-jarige hulpbehoevende man, met een kandelaar op het hoofd geslagen, wat leidde tot diens overlijden. Verdachte voelde zich persoonlijk gekrenkt door het falen van hulpinstanties die geen opvang boden na de uitzetting van het slachtoffer uit zijn woning op 22 mei 2003. Hij had het plan opgevat om het slachtoffer uit zijn lijden te verlossen en voerde dit met voorbedachten rade uit.
Tijdens het onderzoek en de terechtzittingen kwam naar voren dat verdachte zich actief inzette voor het slachtoffer en diverse instanties benaderde voor hulp, maar geen adequate ondersteuning kreeg. Psychiatrisch onderzoek wees op een persoonlijkheidsstoornis en verminderde toerekeningsvatbaarheid, mede door spanningen en fysieke gesteldheid van verdachte.
Het hof oordeelde dat het handelen van verdachte niet gerechtvaardigd kan worden door het falen van hulpinstanties en dat het bewezenverklaarde feit moord oplevert. De rechtbank had 8 jaar gevangenisstraf opgelegd, de advocaat-generaal eiste 10 jaar, maar het hof legde 7 jaar op vanwege de verminderde toerekeningsvatbaarheid. De vordering van de benadeelde partij werd niet ontvankelijk verklaard en verdachte werd vrijgesproken van andere tenlasteleggingen.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot 7 jaar gevangenisstraf voor moord op zijn hulpbehoevende buurman met verminderde toerekeningsvatbaarheid.