ECLI:NL:GHAMS:2004:AP1623
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Van Loon
- Rechtspraak.nl
Belanghebbende ontvankelijk in bezwaar tegen verzuimboete wegens onjuiste adressering
Belanghebbende werd geconfronteerd met een verzuimboete wegens het niet tijdig indienen van de aangifte inkomstenbelasting 2001. De inspecteur had de aanslag en de boetebeschikking naar een oud postadres gestuurd, terwijl belanghebbende inmiddels op een nieuw adres woonde en dit had doorgegeven aan de gemeentelijke basisadministratie.
De inspecteur stelde dat het bezwaar niet-ontvankelijk was wegens termijnoverschrijding, omdat stukken waren verzonden naar een “verplicht toezendadres” dat niet automatisch werd aangepast bij een adreswijziging in de gemeentelijke basisadministratie. Belanghebbende voerde aan dat hij mocht vertrouwen op de adreswijziging bij de gemeente en dat de verzending naar het oude adres niet aan hem kon worden toegerekend.
Het Hof oordeelde dat de omstandigheid dat stukken naar het oude adres werden gestuurd, niet aan belanghebbende kon worden toegerekend. Het “verplicht toezendadres” was ingesteld naar aanleiding van een telefonisch verzoek uit 1994, zonder dat belanghebbende was geïnformeerd over de gevolgen hiervan. Hierdoor was belanghebbende ontvankelijk in zijn bezwaar en was de verzuimboete ten onrechte opgelegd.
Het Hof vernietigde de uitspraak van de inspecteur, verklaarde het bezwaar ontvankelijk, vernietigde de boetebeschikking en gelastte de Staat het griffierecht aan belanghebbende te vergoeden.
Uitkomst: Belanghebbende is ontvankelijk in zijn bezwaar en de verzuimboete wordt vernietigd.