ECLI:NL:GHAMS:2004:AO3668
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.H.M. Possen
- N.A.M. Schipper
- E.N. Punt
- Rechtspraak.nl
Indeling damesslip verpakt als kunstbloem in het Gemeenschappelijk Douanetarief
Belanghebbende had beroep aangetekend tegen de afwijzing van bezwaar tegen een naheffing van douanerechten op damesslips die verpakt waren als kunstbloemen. De douane had de goederen ingedeeld onder post 6208 92 00 van het Gemeenschappelijk Douanetarief (GDT), met een hoger tarief, terwijl belanghebbende primair stelde dat het schertsartikelen waren en onder post 9505 90 00 moesten worden ingedeeld.
Tijdens de zitting werd vastgesteld dat het product een damesslip is, vervaardigd van synthetisch materiaal, met zorgvuldige afwerking en rekbare tailleband, verpakt in cellofaan in de vorm van een kunstbloem. De Douanekamer oordeelde dat de slip bruikbaar is als damesondergoed en niet kan worden aangemerkt als een schertsartikel, ook al is het comfort subjectief onvoldoende.
De Douanekamer verwierp de stelling dat het artikel als kunstbloem onder post 6702 90 00 kon worden ingedeeld, omdat de bloem niet uit meerdere verbonden delen bestaat. Ook post 6307 90 99 kwam niet in aanmerking. De Douanekamer verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde de indeling onder post 6208 92 00.
De proceskosten werden niet aan een partij opgelegd. Tegen deze uitspraak kan beroep in cassatie worden ingesteld bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Uitkomst: Het beroep wordt ongegrond verklaard en de goederen worden ingedeeld onder post 6208 92 00 van het GDT.