ECLI:NL:GHAMS:2003:AQ1201
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Bijlsma
- E.M. Vrouwenvelder
- M.J. Kuiper
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen navordering voorlopige teruggaven onder regeling actieve veredeling afgewezen wegens ontbreken wettelijke grondslag
Belanghebbende, een onderneming binnen een voedingsmiddelenconcern, had een vergunning voor toepassing van de regeling actieve veredeling onder het terugbetalingssysteem. Na een boekenonderzoek bleek dat de goederen niet volgens de vergunning waren ingevoerd en dat de teruggaven ten onrechte waren verleend. De inspecteur vaardigde een uitnodiging tot betaling uit voor het terugvorderen van deze bedragen.
Belanghebbende betwistte de wettelijke grondslag van deze navordering, stellende dat noch artikel 242 noch Pro artikel 204 van Pro het Communautair douanewetboek (CDW) van toepassing waren. Ook stelde zij dat de algemene beginselen van behoorlijk bestuur, waaronder het vertrouwensbeginsel, navordering in de weg stonden. De inspecteur handhaafde zijn standpunt en baseerde zich primair op artikel 242 CDW Pro.
Het Gerechtshof oordeelde dat de oorspronkelijke douaneschuld niet opnieuw opeisbaar is omdat de douaneschuld door K B.V. rechtsgeldig was voldaan en deze aangiften niet namens belanghebbende waren gedaan. Ook bood artikel 204 CDW Pro geen grondslag omdat de goederen niet onder douanetoezicht stonden. De navordering ontbeerde daardoor wettelijke basis en werd vernietigd. De inspecteur werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en de uitnodiging tot betaling tot navordering van voorlopige teruggaven wordt vernietigd wegens ontbreken van wettelijke grondslag.