ECLI:NL:GHAMS:2003:AO0427
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Van Asperen
- Houben
- Van Breukelen-van Aarnhem
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep doodslag in café te Hoorn met toewijzing subsidiaire tenlastelegging
In deze strafzaak stond verdachte terecht voor het opzettelijk doden van E.D. door hem op 30 april 2002 in het hoofd te schieten in een café te Hoorn. De rechtbank veroordeelde verdachte tot tien jaar gevangenisstraf voor doodslag, maar zowel verdachte als het Openbaar Ministerie gingen in hoger beroep.
Tijdens het onderzoek kwam aan het licht dat er onzorgvuldigheden waren in de opsporing, met name in de verslaglegging van verhoren van getuigen M.E.C. M. en haar echtgenoot J.B. Het hof oordeelde echter dat deze fouten hersteld waren en dat er geen sprake was van onrechtmatige druk op getuigen of het verbergen van bewijs, waardoor de verklaringen betrouwbaar bleven.
Het hof sprak verdachte vrij van het primair tenlastegelegde feit van moord, maar achtte wettig en overtuigend bewezen dat hij doodslag had gepleegd. Gelet op de ernst van het feit, de omstandigheden waaronder het plaatsvond en de eerdere veroordelingen van verdachte, legde het hof een gevangenisstraf van twaalf jaar op. Tevens werden inbeslaggenomen wapens en beschermingsmiddelen onttrokken aan het verkeer.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot twaalf jaar gevangenisstraf voor doodslag, vrijspraak moord en onttrekking wapens aan het verkeer.