ECLI:NL:GHAMS:2003:AL8351
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Van Loon
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt rechtmatigheid havengeldheffing voor woonschip in gemeentehaven
Belanghebbende maakte bezwaar tegen vier nota's havengeld opgelegd door de gemeente Amersfoort voor ligplaatsgebruik van zijn woonschip in de gemeentelijke haven over perioden tussen 1998 en 2000. De nota's betroffen hogere bedragen dan de huur die eigenaren van woonschepen op aangewezen ligplaatsen betaalden.
Het geschil betrof de vraag of het gelijkheidsbeginsel werd geschonden doordat belanghebbende meer havengeld betaalde dan bewoners van aangewezen ligplaatsen, en of sprake was van een verboden schriktarief. Belanghebbende stelde dat de verhuur van ligplaatsen via privaatrechtelijke huurovereenkomsten een onaanvaardbare doorkruising van publiekrechtelijke regels vormde, verwijzend naar het Windmill-arrest.
Het hof oordeelde dat de aangewezen ligplaatsen juridisch en feitelijk onttrokken zijn aan het openbare water en dat belanghebbendes ligplaats zich in het openbare deel van de haven bevindt. Hierdoor zijn de situaties niet gelijk en faalt het beroep op het gelijkheidsbeginsel. Tevens stelde het hof vast dat het gehanteerde tarief niet onredelijk of willekeurig was en geen schriktarief vormde.
Het beroep werd ongegrond verklaard en de bestreden uitspraken en nota's werden gehandhaafd. De uitspraak werd op 4 juli 2003 door het Gerechtshof Amsterdam gedaan.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende tegen de havengeldnota's wordt ongegrond verklaard en de nota's worden gehandhaafd.