ECLI:NL:GHAMS:2003:AI5629
Gerechtshof Amsterdam
- Hoger beroep
- Van Dijk
- Bockwinkel
- Van Manen
- Rechtspraak.nl
Bezitter auto mede verantwoordelijk voor boetes bij uitlenen, schuldsaneringsverzoek afgewezen
De appellant, Z, had een aanzienlijke schuld van €16.441,84, waarvan ruim €10.000 aan het Centraal Justitieel Incassobureau (CJIB) bestond uit boetes. Z verklaarde dat deze boetes voornamelijk veroorzaakt waren door zijn stiefzoon en familieleden die zijn auto gebruikten. Ondanks zijn stelling dat hij zelf zelden boetes opliep, werd geoordeeld dat hij als bezitter van de auto mede verantwoordelijk was voor de boetes.
De rechtbank had het verzoek van Z tot toepassing van de schuldsaneringsregeling afgewezen wegens kwade trouw, omdat de schuld recent en omvangrijk was. Het hof bevestigde dit oordeel en benadrukte dat Z jarenlang de auto aan anderen ter beschikking stelde, ondanks eerdere negatieve ervaringen en zelfs gijzeling vanwege openstaande boetes.
Gezien de aard en omvang van de boetes en het feit dat Z niet had aangetoond dat hij zijn verplichtingen tijdens een eventuele schuldsanering zou nakomen, oordeelde het hof dat het verzoek terecht was afgewezen. Het vonnis van de rechtbank werd bekrachtigd.
Uitkomst: Het hof wijst het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling af wegens kwade trouw van de bezitter van de auto.