ECLI:NL:GHAMS:2003:AH9848
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Vrouwenvelder
- Beukers-Van Dooren
- Van de Merwe
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof vernietigt naheffingsaanslag omzetbelasting wegens onvoldoende bewijs factuur en brief
Belanghebbende was niet als ondernemer voor de omzetbelasting geregistreerd en betwistte dat hij de factuur en brief, waarop omzetbelasting werd vermeld, had opgemaakt. De inspecteur legde een naheffingsaanslag op gebaseerd op deze documenten die in de administratie van de afnemer waren aangetroffen.
Het geschil spitste zich toe op de vraag of de inspecteur terecht het bedrag aan omzetbelasting had nageheven op grond van artikel 37 van Pro de Wet op de omzetbelasting 1968. Het Hof oordeelde dat de bewijslast bij de inspecteur ligt om aannemelijk te maken dat de documenten authentiek zijn en door of namens belanghebbende zijn opgemaakt.
De inspecteur had geen onderzoek bij belanghebbende ingesteld en kon niet aantonen dat de documenten onvervalst waren. Ook erkende de inspecteur dat de brief niet door belanghebbende persoonlijk was geschreven en dat de betaling niet rechtstreeks op de bescheiden kon worden teruggevoerd.
Daarom concludeerde het Hof dat de inspecteur niet het vereiste bewijs had geleverd en vernietigde de naheffingsaanslag. Tevens werd het gestorte griffierecht aan belanghebbende vergoed.
Uitkomst: Het Hof vernietigt de naheffingsaanslag omzetbelasting wegens onvoldoende bewijs van authenticiteit van de factuur en brief.