ECLI:NL:GHAMS:2003:AF9259
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Van der Ouderaa
- Rechtspraak.nl
Geen bron van inkomen bij geringe hobby-activiteiten ondanks fiscale onduidelijkheid
Belanghebbende, werkzaam bij de Belastingdienst, voerde nevenactiviteiten uit in het ontwerpen en verkopen van kaarten tussen 1997 en 1999. Deze activiteiten waren van geringe omvang, met hoge kosten en zonder zicht op positief resultaat. Na 1999 werden de activiteiten gestaakt vanwege fiscale onzekerheid.
De inspecteur kwalificeerde de activiteiten niet als bron van inkomen en legde aanslagen op die afweken van de aangiften. Belanghebbende stelde dat er sprake was van opgewekt vertrouwen door de inspecteur, mede vanwege haar functie bij de Belastingdienst.
Het Hof oordeelde dat de activiteiten als hobby moeten worden gezien en niet als bron van inkomen. Het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde omdat niet aannemelijk was dat de aangiften van functionarissen van de Belastingdienst op een wijze werden behandeld die een weloverwogen standpuntbepaling garandeerde.
Het beroep werd ongegrond verklaard, maar belanghebbende kreeg vergoeding van griffierecht en proceskosten wegens het niet tijdig nemen van een besluit door de inspecteur.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de activiteiten worden niet als bron van inkomen aangemerkt.