ECLI:NL:GHAMS:2003:AF5972
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Beukers-Van Dooren
- Rechtspraak.nl
Beoordeling zelfstandige onderneming versus dienstbetrekking fysiotherapeut
Belanghebbende, een fysiotherapeut, exploiteert sinds 1981 een eigen praktijk met een omzet van ƒ 41.265 en een verlies van ƒ 910, naast een dienstbetrekking bij een maatschap waar hij 40 uur per week werkt en een loon van ƒ 82.726 ontvangt. Het geschil betreft de vraag of zijn werkzaamheden in dienstbetrekking moeten worden meegerekend bij zijn onderneming voor toepassing van de zelfstandigenaftrek.
Het hof stelt vast dat de praktijk in Z aanzienlijk kleiner is dan de werkzaamheden in dienstbetrekking bij de maatschap in G, zowel qua omzet, winst als bestede uren. De arbeidsovereenkomst en de bijlage tonen aan dat het loon gebaseerd is op 65-71% van de omzet, zonder dat belanghebbende het betalingsrisico draagt. De urenverdeling en omzetverhoudingen maken aannemelijk dat de dienstbetrekking niet als onderdeel van de onderneming kan worden gezien.
Daarom wordt geoordeeld dat de opbrengst uit de dienstbetrekking niet tot de winst uit onderneming behoort en dat belanghebbende geen recht heeft op zelfstandigenaftrek. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag wordt gehandhaafd.