ECLI:NL:GHAMS:2002:AE9723
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Beukers-Van Dooren
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt uitsluiting grootaandeelhouders van werknemersspaarregelingen
Belanghebbende, een vennootschap waarvan alle aandelen in handen zijn van A, diende beroep in tegen naheffingsaanslagen loonbelasting/premie volksverzekeringen opgelegd door de inspecteur. Deze aanslagen hadden betrekking op de premiespaarregeling en spaarloonregeling die alleen openstonden voor A en zijn echtgenote, de enige werknemers van de vennootschap.
Het geschil betrof de vraag of deze regelingen terecht waren uitgesloten op grond van artikel 23 van Pro de Uitvoeringsregeling werknemersspaarregelingen en winstdelingsregelingen (URWW). Belanghebbende voerde aan dat deze uitsluiting met ingang van 1997 onverbindend was en dat de regeling in strijd was met het gelijkheidsbeginsel en internationale verdragsbepalingen.
Het Hof oordeelde dat de ministeriële regelgever bevoegd was om regelingen uit te sluiten die uitsluitend openstaan voor werknemer/grootaandeelhouders indien zij de enige werknemers zijn. De uitsluiting was niet in strijd met de Grondwet, het EVRM of het IVBPR. Ook indien de uitsluiting mede betrekking zou hebben op werknemers met een kleiner aandelenpakket, leidt dit niet tot onverbindendheid van de uitsluiting voor de onderhavige situatie.
Daarom werd het beroep ongegrond verklaard. Het Hof zag geen aanleiding voor proceskostenveroordeling en wees op de mogelijkheid tot cassatie bij de Hoge Raad binnen zes weken na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslagen worden bevestigd.