ECLI:NL:GHAMS:2002:AE6626
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Vrouwenvelder
- Rechtspraak.nl
Belanghebbende gebonden aan vaststellingsovereenkomst ondanks betwisting inhoud en omstandigheden
Belanghebbende sloot met de Belastingdienst een vaststellingsovereenkomst naar aanleiding van een boekenonderzoek bij zijn ondernemingen en die van zijn echtgenote. De overeenkomst regelde correcties op de inkomsten- en omzetbelasting over meerdere jaren. Belanghebbende tekende de overeenkomst, die ook door zijn gemachtigde en de inspecteur was ondertekend.
Belanghebbende voerde aan dat de overeenkomst onder dwaling of misbruik van omstandigheden tot stand was gekomen en dat hij deze onder overspannen gezondheidstoestand contre coeur had gesloten. Het hof oordeelde dat belanghebbende deze stellingen niet aannemelijk had gemaakt. Ook het feit dat de navorderingsaanslag werd opgelegd voordat de overeenkomst was getekend, deed hieraan niet af.
Het hof benadrukte dat een vaststellingsovereenkomst ook geldt voor zover zij afwijkt van de bestaande rechtstoestand en dat belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat de inspecteur onrechtmatig handelde. Het beroep werd daarom ongegrond verklaard. Verzoek tot proceskostenvergoeding werd afgewezen omdat het beroep niet als kennelijk onredelijk gebruik van procesrecht werd aangemerkt.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en hij wordt gehouden aan de vaststellingsovereenkomst.