ECLI:NL:GHAMS:2002:AE3880
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Schaap
- Steenbergen
- Van Loon
- Rechtspraak.nl
Geen aftrek v.o.f.-verlies en geen aftrek levensonderhoudsbijdrage uitwonende zoon
Belanghebbende en zijn echtgenote richtten in 1987 een vennootschap onder firma (v.o.f.) op voor de ontwikkeling van medische apparatuur, die echter nooit tot productie leidde en steeds verlies maakte. Over het belastingjaar 1998 was het hof van oordeel dat de activiteiten van de v.o.f. geen bron van inkomen vormden, omdat geen redelijkerwijs te verwachten voordeel bestond. Daarom mocht het aandeel in het verlies niet in mindering worden gebracht op het belastbare inkomen.
Daarnaast speelde de vraag of de financiële ondersteuning door belanghebbende aan zijn uitwonende zoon G aftrekbaar was als buitengewone last. G, een universitaire student ouder dan 27 jaar, had zijn studie onderbroken en verdiende eigen inkomen waarmee hij zijn bruiloft financierde. Het hof oordeelde dat G voldoende eigen middelen had om in zijn levensonderhoud te voorzien, mede door het inkomen van zijn partner en het feit dat hij geen huur betaalde. De ondersteuning door belanghebbende was daarom niet aftrekbaar.
Het hof bevestigde dat het huurwaardeforfait correct was toegepast en dat de inspecteur de aanslag terecht had vastgesteld met toepassing van tariefgroep 3. De proceskosten werden deels aan de inspecteur opgelegd omdat belanghebbende gedeeltelijk in het gelijk werd gesteld.
Uitkomst: Het hof oordeelt dat de v.o.f. geen bron van inkomen is en het aandeel in het verlies niet aftrekbaar, en weigert aftrek van de financiële ondersteuning aan de uitwonende zoon over het tweede tot vierde kwartaal 1998.