ECLI:NL:GHAMS:2001:AK8310
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.H.M. Possen
- J.J.A.M. Kennis
- K.J.L. Hesselt van Dinter
- Rechtspraak.nl
Navordering douanerechten wegens onvoldoende administratie bij regeling actieve veredeling vis
Belanghebbende, een visverwerkend bedrijf, kreeg navordering van douanerechten opgelegd omdat zij niet kon aantonen dat de ingevoerde vis onder de regeling actieve veredeling daadwerkelijk was verwerkt en wederuitgevoerd. De administratie per partij ontbrak, waardoor de identiteit van de goederen niet kon worden vastgesteld. Hoewel in eerdere controles geen gebreken werden geconstateerd, bleek bij een latere controle dat essentiële administratieve gegevens ontbraken.
Belanghebbende voerde aan dat de administratie voldeed en dat het ontbreken van specifieke voorwaarden in de vergunning en wetgeving haar niet kon worden tegengeworpen. Tevens stelde zij dat de navordering onterecht was wegens het vertrouwensbeginsel en dat de compensatoire interesten onjuist waren berekend. De inspecteur stelde dat equivalentieverkeer niet was toegestaan en dat belanghebbende haar administratieplicht had geschonden, wat een strafrechtelijk vervolgbare handeling opleverde.
De Tariefcommissie oordeelde dat de administratie zodanig ingericht moet zijn dat de identiteit van de goederen kan worden afgeleid. Het ontbreken hiervan maakt dat niet is aangetoond dat aan de vrijstellingsvoorwaarden is voldaan. De navordering is gegrond, de termijn van vijf jaar is terecht toegepast en de compensatoire interesten zijn correct berekend. Het beroep op het vertrouwensbeginsel werd verworpen omdat belanghebbende zelf wijzigingen aanbracht in de situatie. De commissie bevestigde de uitspraak van het hoofd van het Douanedistrict.
Uitkomst: De navordering van douanerechten en compensatoire interesten wordt bevestigd wegens onvoldoende administratie en niet-naleving van de vrijstellingsvoorwaarden.