ECLI:NL:GHAMS:2001:AI1575
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- F.H.M. Possen
- H.J. Bokhorst
- Th.J.G. van Berkum
- Rechtspraak.nl
Bevestiging douaneschuld wegens niet-aanbrengen goederen bij douanekantoor bestemming
Belanghebbende heeft op 19 augustus 1995 aangifte gedaan voor extern communautair douanevervoer van een zending verf, waarbij de goederen en het vereiste document niet zijn aangebracht bij het douanekantoor van bestemming. Dit leidt tot onttrekking aan het douanetoezicht en het ontstaan van een douaneschuld volgens artikel 203 van Pro het CDW.
Belanghebbende heeft achteraf geprobeerd de goederen alsnog aan te geven voor de regeling in het vrije verkeer, maar deze aangifte is niet door de douane aanvaard. De wettelijke bepalingen bieden geen grond om de douaneschuld hierdoor teniet te laten gaan.
De Tariefcommissie concludeert dat de uitnodiging tot betaling terecht aan belanghebbende is gedaan en bevestigt de eerdere uitspraak. Er worden geen proceskosten toegewezen. De zaak is behandeld in raadkamer en de beslissing is in het openbaar uitgesproken op 20 december 2001.
Uitkomst: De Tariefcommissie bevestigt dat belanghebbende terecht als douaneschuldenaar is aangewezen wegens het niet aanbrengen van goederen bij het douanekantoor van bestemming.