ECLI:NL:GHAMS:2001:AD9212
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Van Ballegooijen
- Den Boer
- Hartman
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt inhoudingsplicht werkgever voor Poolse uitzendkrachten ondanks constructie met Poolse vennootschap
Belanghebbende sloot een overeenkomst met een Poolse vennootschap voor het ter beschikking stellen van Poolse arbeidskrachten aan Nederlandse opdrachtgevers. Hoewel formeel de Poolse vennootschap de werknemers aanwierf, regelde belanghebbende de tewerkstelling, betaalde de lonen en beheerde de bankrekening waarop de omzet werd gestort.
De inspecteur legde naheffingsaanslagen op wegens niet-ingehouden loonbelasting en premies volksverzekeringen, stellende dat belanghebbende als inhoudingsplichtige moest worden aangemerkt. Belanghebbende voerde aan slechts als agent van de Poolse vennootschap te hebben gefungeerd en dat de opdrachtgevers inhoudingsplichtig waren.
Het Hof stelde vast dat belanghebbende de feitelijke werkgever was, aangezien zij de arbeidskrachten ter beschikking stelde, de lonen betaalde en de bankrekening beheerde alsof het haar eigen geld was. De Poolse vennootschap had slechts een ondersteunende rol bij het werven van personeel. De arbeidsverhouding werd gekwalificeerd als fictieve dienstbetrekking, waardoor belanghebbende inhoudingsplichtig was.
Het beroep op artikel 8:29 Awb Pro om correspondentie met het Poolse ministerie van Financiën te beperken werd afgewezen. Het Hof concludeerde dat de inspecteur voldoende bewijs had geleverd en dat belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat de naheffingsaanslag onjuist was. Het beroep werd ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de naheffingsaanslag loonheffing bevestigd.