ECLI:NL:GHAMS:2001:AD5073
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.H. Schaap
- H.J. Onnes
- J. van Loon
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt gedeeltelijke staking onderneming na verkoop veestapel en grond
Belanghebbende exploiteerde sinds 1930 een landbouwbedrijf met melkvee, ruwvoer en fruitteelt. In 1990 werd de veestapel verkocht, waarna de activiteiten bestonden uit productie en verkoop van ruwvoer en fruit en verhuur van melkquotum. In 1998 en 1999 verkocht belanghebbende landbouwgrond aan de gemeente.
De kern van het geschil betrof of de verkoop van landbouwgrond in 1998 tot belastbaar inkomen behoort en of sprake was van staking van de onderneming. Belanghebbende stelde dat vanaf 1991 feitelijk geen onderneming meer werd uitgeoefend, terwijl de inspecteur stelde dat de onderneming voortduurde en dat in 1998 sprake was van een gedeeltelijke staking.
Het Hof oordeelde dat ondanks verkoop van de veestapel de onderneming voortduurde in afgeslankte vorm, waarbij belanghebbende de leiding behield en baten en lasten droeg. De verkoop van circa 10 hectare grond in 1998 betekende een duurzame en belangrijke inkrimping van de onderneming, dus een gedeeltelijke staking.
De verkoopopbrengst van de grond moest als stakingswinst worden belast. Het Hof vernietigde de uitspraak van de inspecteur, stelde het belastbaar inkomen vast op ƒ 1.890.582, waarvan ƒ 1.814.000 belast werd tegen het bijzondere tarief van 45%. Tevens werden proceskosten aan belanghebbende toegekend.
Uitkomst: Het Hof verklaart het beroep gegrond, vernietigt de uitspraak van de inspecteur en vermindert de aanslag tot een belastbaar inkomen van ƒ 1.890.582 met toepassing van stakingsfaciliteiten.