ECLI:NL:GHAMS:2001:AB2464
Gerechtshof Amsterdam
- Cassatie
- Den Boer
- Faase
- Meussen
- Rechtspraak.nl
Gebruikelijk loon en tariefheffing bij aanmerkelijk belang in belastingzaak
Belanghebbende, aandeelhouder en werknemer van Beheer BV, betwistte de door de inspecteur vastgestelde aanslag inkomstenbelasting over 1998, waarbij het gebruikelijk loon hoger werd gesteld dan het feitelijk genoten salaris. De inspecteur stelde dat het gebruikelijk loon ƒ 296.900 bedroeg, terwijl belanghebbende een salaris van ƒ 215.551 ontving plus een dividenduitkering van ƒ 75.000.
Het Hof oordeelde dat de inspecteur niet aannemelijk had gemaakt dat het gebruikelijk loon hoger was dan het door belanghebbende genoten salaris. De inspecteur kon geen vergelijkbare gegevens over beloningen van directeuren zonder aanmerkelijk belang in de branche overleggen. Ook de managementfee en beloning voor werkzaamheden aan agenturen ondersteunden het standpunt van de inspecteur onvoldoende.
Voorts verwierp het Hof het standpunt van de inspecteur dat belanghebbende de salarisverlaging ten opzichte van 1997 moest motiveren. De inspecteur moest aantonen dat het salaris meer dan 30% afweek van het gebruikelijke loon, wat niet was gelukt. Het Hof volgde ook niet de herkwalificatie van de dividenduitkering als loon. Het beroep werd gegrond verklaard, de aanslag verminderd tot het door belanghebbende opgegeven belastbaar inkomen en de inspecteur veroordeeld in proceskosten.
Uitkomst: Het hof vernietigt de uitspraak van de inspecteur en vermindert de aanslag tot het door belanghebbende opgegeven belastbaar inkomen met toepassing van het bijzondere tarief op dividend.