ECLI:NL:GHAMS:2000:AA9177
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Faase
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ontvankelijkheid en tijdigheid van melding energie-investeringsaftrek
Belanghebbende heeft twee meldingen ingediend bij het Bureau Energie-investeringsaftrek (EIA) die volgens de Belastingdienst niet tijdig waren ontvangen. De meldingen betroffen investeringsverplichtingen aangegaan in maart 1998, maar werden pas in juni 1998 ingediend, buiten de gestelde termijn van drie maanden.
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de kennisgevingen van de Belastingdienst waarin werd medegedeeld dat de meldingen niet tijdig waren ontvangen en dat daarom geen verklaringen konden worden afgegeven. De Directeur van de Belastingdienst wees het bezwaar af, waarna belanghebbende beroep instelde bij de rechtbank, die zich onbevoegd verklaarde. Het beroep werd vervolgens aan het Gerechtshof Amsterdam voorgelegd.
Het Hof overweegt dat de wet niet voorziet in een voor bezwaar vatbare beschikking over de ontvankelijkheid of tijdigheid van de melding zelf. Hierdoor staat tegen het niet in behandeling nemen van een melding geen rechtsmiddel open. Bezwaren kunnen pas worden ingebracht tegen de aanslag vennootschapsbelasting waarin de EIA wordt verwerkt.
Het Hof verklaart de beroepen van belanghebbende ongegrond en overweegt dat het niet ontvankelijk verklaren van het bezwaar terecht is. Om redenen van proceseconomie ziet het Hof af van een nadere uitspraak op het bezwaar door de Belastingdienst, aangezien deze naar verwachting hetzelfde oordeel zal geven. De uitspraak werd op 3 november 2000 gedaan.
Uitkomst: Het Hof verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat tegen de afwijzing van de melding geen bezwaar openstaat.