ECLI:NL:GHAMS:2000:AA8940
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Onnes
- Van der Ouderaa
- Goes
- Rechtspraak.nl
Beoordeling van het vertrouwensbeginsel bij aftrekbare kosten kinderopvang in inkomstenbelasting
Het geschil betreft de vraag of belanghebbende gerechtvaardigd vertrouwen mocht ontlenen aan de wijze waarop de inspecteur de aangiften over 1994 en 1996 heeft afgedaan, met betrekking tot de berekening van de aftrekbare kosten van kinderopvang over 1995.
Belanghebbende had bij de aangifte over 1996 een bijlage gevoegd met een berekening van de aftrekbare kosten, maar stelde de wijze van berekenen niet uitdrukkelijk en gemotiveerd aan de orde. De inspecteur volgde de aangifte zonder op- of aanmerkingen, maar het hof oordeelt dat dit niet voldoende is om vertrouwen te wekken dat de berekeningswijze juist was.
Verder blijkt uit correspondentie en de oplegging van de aanslag dat de inspecteur het standpunt over de drempelbedragen expliciet naar voren heeft gebracht en gehandhaafd. Het hof concludeert dat belanghebbende geen gerechtvaardigd vertrouwen kon ontlenen aan het standpunt van de inspecteur over de aftrekbare kosten kinderopvang.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en belanghebbende wordt niet in de proceskosten van de inspecteur veroordeeld.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard; geen rechtens te beschermen vertrouwen in de berekeningswijze van aftrekbare kosten kinderopvang.