ECLI:NL:GHAMS:2000:AA8667
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J. Schaap
- J. Kwantes
- J. van Loon
- Rechtspraak.nl
Beoordeling navorderingsaanslag dividendbelasting na statusverlies fiscale beleggingsinstelling
Belanghebbende, aandeelhouder van een BV die tot eind 1996 de status van fiscale beleggingsinstelling had, ontving in 1997 dividenduitkeringen waarop een bijzonder tarief van 25% werd toegepast. De inspecteur legde een navorderingsaanslag op omdat hij na het opleggen van de oorspronkelijke aanslag kennis kreeg van de status van de BV in 1996, wat een nieuw feit vormde.
Belanghebbende voerde aan dat de inspecteur al bekend had moeten zijn met de status van de BV en dat het bijzondere tarief niet van toepassing was op dividend uitgekeerd na het verlies van de beleggingsinstellingstatus. Het hof oordeelde dat de inspecteur niet bekend was met deze status bij het opleggen van de oorspronkelijke aanslag en dat het navorderen op basis van het nieuwe feit rechtmatig was.
Verder verwierp het hof de stelling dat het bijzondere tarief van artikel 57a van de Wet niet van toepassing zou zijn op dividend uitgekeerd binnen acht maanden na het statusverlies, ook als dit dividend niet voortkwam uit een doorstootverplichting over 1996. Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard en de navorderingsaanslag gehandhaafd.
Uitkomst: Het hof verklaarde het beroep ongegrond en handhaafde de navorderingsaanslag over 1997.