ECLI:NL:GHAMS:2000:AA7723
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Den Boer
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtsgeldigheid van aanslagbiljet inkomstenbelasting 1994 ondanks vormgebreken
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de aanslag inkomstenbelasting 1994, omdat het biljet geen vermelding van de bevoegde belastingeenheid en geen rechtsmiddelverwijzing bevatte. Het hof overwoog dat deze vormgebreken niet leiden tot nietigheid van het aanslagbiljet, aangezien het biljet geen essentiële elementen voor de aanslag miste en belanghebbende of zijn gemachtigde begreep dat het biljet de belastingafrekening betrof.
Daarnaast stelde belanghebbende dat niet kon worden vastgesteld of de aanslag door een bevoegde inspecteur was opgelegd en of deze daartoe schriftelijk was gemachtigd. Het hof oordeelde dat dit een interne aangelegenheid van de Belastingdienst is en dat geen nadeel voor belanghebbende was vastgesteld. De vermeende schending van vormvoorschriften werd als niet belemmerend voor de geldigheid van de aanslag aangemerkt.
Het hof verklaarde het beroep ongegrond, bevestigde de bestreden uitspraak en gelastte de Belastingdienst het door belanghebbende betaalde griffierecht te vergoeden, gelet op de onzorgvuldige wijze van aanslagregeling en het verdedigbare standpunt van belanghebbende.
Uitkomst: Het beroep tegen de aanslag inkomstenbelasting 1994 wordt ongegrond verklaard en de aanslag blijft in stand.