ECLI:NL:GHAMS:2000:AA7609
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Smit
- Van Ballegooijen
- Van Loon
- Rechtspraak.nl
Geen verdere waarderingskorting voor incourante aandelen in houdstermaatschappij
Belanghebbende, eigenaar van een meerderheidsbelang in een houdstermaatschappij die aandelen houdt in een beursgenoteerde vennootschap, voerde aan dat de aandelen in de houdstermaatschappij vanwege incourantheid met een korting van 50% dan wel 25% moesten worden gewaardeerd. De inspecteur had echter een korting van slechts 5% toegepast.
Het hof stelde vast dat de waardering van aandelen in het economische verkeer moet plaatsvinden tegen de prijs die bij verkoop op de beste markt kan worden bedongen. De inspecteur had de aandelen gewaardeerd op de intrinsieke waarde waarbij rekening was gehouden met een beperkte korting van 5%. Het hof achtte aannemelijk dat deze waardering passend was, mede omdat de houdstermaatschappij in 1996 nog aandelen tegen beurskoers had bijgekocht en de beperkte verhandelbaarheid reeds in de waardering was verdisconteerd.
Voorts oordeelde het hof dat het door de inspecteur gewekte vertrouwen in een hogere korting was weggenomen, aangezien de inspecteur sinds 1995 zijn standpunt had gewijzigd en belanghebbende geen bezwaar had gemaakt tegen de aanslag van 1996 waarbij de lagere korting werd toegepast.
Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard en de aanslag vermogensbelasting werd bevestigd. Proceskosten werden niet aan een partij opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de aanslag vermogensbelasting wordt bevestigd.