ECLI:NL:GHAMS:2000:AA7542
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Dutmer
- Van Ballegooijen
- Van der Ouderaa
- Rechtspraak.nl
Gerechtshof bevestigt navorderingsaanslag wegens onttrokken winstuitdeling en verwerpt beroep op provisiebetaling
Belanghebbende, samen met zijn broer directeur van R B.V. en aandeelhouder van H B.V., werd geconfronteerd met een navorderingsaanslag inkomstenbelasting over 1993, inclusief een verhoging van 100%, wegens vermeende onttrokken winstuitdelingen. De zaak draaide om stortingen van H B.V. op een buitenlandse bankrekening ten name van U, die via een trustmaatschappij was geopend, en de vraag of deze gelden volledig aan de tussenpersoon S van Q als provisie waren betaald.
Het Hof oordeelde dat belanghebbende niet aannemelijk had gemaakt dat de stortingen volledig aan S waren uitbetaald, mede omdat geen betalingsbewijzen werden overgelegd en S ontkende de hoge provisies te hebben ontvangen. De beschikking over de rekening lag feitelijk bij belanghebbende en zijn broer, die de gelden opnamen zonder de bestemming aan te tonen. Hiermee werd vastgesteld dat sprake was van winstuitdelingen die aan belanghebbende konden worden toegerekend.
De navorderingsaanslag werd grotendeels gehandhaafd, maar de verhoging met betrekking tot de aandelenoverdracht van M B.V. werd vernietigd wegens onvoldoende motivering. Het beroep van belanghebbende werd daarmee grotendeels afgewezen, en het Hof veroordeelde verweerder tot vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De navorderingsaanslag wordt grotendeels gehandhaafd, met vernietiging van de verhoging over de aandelenoverdracht M B.V.