ECLI:NL:GHAMS:2000:AA5014
Gerechtshof Amsterdam
- Raadkamer
- H.L.C. Hermans
- J.H.M. Willems
- M.W.E. Koopmann
- Rechtspraak.nl
Beschikking over vervolging en volkenrechtelijke aspecten van de Decembermoorden in Suriname
Het Gerechtshof Amsterdam behandelde het beklag tegen het niet vervolgen van [B.] voor betrokkenheid bij de Decembermoorden van 8-9 december 1982 in Suriname. Uit onderzoek bleek dat [B.] waarschijnlijk geen Nederlandse nationaliteit bezat ten tijde van de feiten, waardoor vervolging in Nederland moeilijk is.
Er zijn ernstige verdenkingen dat [B.] een belangrijke rol speelde bij de executies en martelingen van vijftien personen, waaronder familieleden van klagers. Diverse rapporten, getuigenverklaringen en publicaties wijzen op zijn betrokkenheid. Het hof acht de verdenkingen zwaar genoeg voor strafrechtelijke vervolging, maar acht de zaak nog niet rijp voor een terechtzitting vanwege het tijdsverloop en de aard van het bewijs.
Het hof overweegt of de Nederlandse rechter bevoegd is de zaak te behandelen, mede gezien het ontbreken van een afdoende vervolging elders en de nauwe banden tussen Nederland en Suriname. Daarnaast worden complexe volkenrechtelijke vragen gesteld over de kwalificatie van de feiten als foltering, oorlogsmisdrijven of misdrijven tegen de menselijkheid, en over de extraterritoriale rechtsmacht van Nederland.
Het hof besluit de verdere beslissing aan te houden en een deskundige op het gebied van het volkenrechtelijk gewoonterecht te benoemen om advies te geven over de juridische vragen. Klagers, hun raadsman en de advocaat-generaal kunnen aanvullende vragen indienen. De beschikking wordt algemeen verkrijgbaar gesteld.
Uitkomst: Het hof houdt de beslissing aan en zal volkenrechtelijke vragen voorleggen aan een deskundige alvorens verdere vervolging te bepalen.