ECLI:NL:GHAMS:1999:AM3304
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.M.J.I. Steenbergen
- F.H.M. Possen
- H.J. Bokhorst
- K. Kooijman
- J.F.M. Giele
- Rechtspraak.nl
Bevestiging navordering douanerechten ondanks toepassing geïntegreerde douaneregeling
Belanghebbende, een besloten vennootschap, kreeg toestemming voor toepassing van de geïntegreerde douaneregeling voor invoer van goederen, waarbij een productenbestand wordt bijgehouden met goederencodes en statussen. In 1993 werd een product met status "J" toegevoegd, wat betekent dat de indeling niet door de douane werd betwist.
Na controle van maandaangiften stelde de douane vast dat de toegepaste goederencode onjuist was, wat leidde tot een navordering van douanerechten over 1993 en volgende jaren. Belanghebbende stelde dat vanwege de geïntegreerde douaneregeling en het gezamenlijke beheer van het productenbestand navordering niet mogelijk was en dat de douane een vergissing had gemaakt.
De Tariefcommissie oordeelde dat de geïntegreerde douaneregeling de gebruikelijke controle achteraf niet uitsluit en dat de inspecteur bevoegd blijft tot controle en navordering. Er was geen sprake van een vergissing van ambtenaren in de zin van artikel 220, lid 2, letter b, CDW. Het beroep op vertrouwen in het productenbestand en de status "J" faalde, en de navordering werd bevestigd.
De proceskosten werden niet aan belanghebbende toegewezen. De uitspraak werd in raadkamer gedaan op 24 augustus 1999 en in het openbaar uitgesproken op 4 april 2000.
Uitkomst: De navordering van douanerechten wordt bevestigd ondanks toepassing van de geïntegreerde douaneregeling.