ECLI:NL:GHAMS:1999:AA8115
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Dutmer
- Van der Ouderaa
- Blokland
- Rechtspraak.nl
Recht op pensioenverplichting voor directeur-enig aandeelhouder over 1986-1991
Belanghebbende, een besloten vennootschap, betwistte de afwijzing door de inspecteur van haar pensioenverplichting jegens haar directeur-enig aandeelhouder A over de periode 1986-1991. De inspecteur stelde dat er geen dienstbetrekking bestond vanwege het ontbreken van een gezagsverhouding en schriftelijke loonafspraken.
Het Hof stelde vast dat A vanaf de oprichting nauw betrokken was bij belanghebbende en de werkzaamheden grotendeels zelfstandig uitvoerde. Ondanks het ontbreken van formeel gezag was er voldoende aannemelijkheid dat een dienstbetrekking bestond. Betalingen aan A, hoewel onregelmatig en verrekend met huur van privéwoning, werden als loon aangemerkt.
De inspecteur had onvoldoende gemotiveerd betwist dat de pensioenverplichting kon worden gepasseerd. Het Hof vernietigde de uitspraak van de inspecteur, stelde het belastbaar bedrag nihil vast en veroordeelde de inspecteur tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
De uitspraak benadrukt dat de feitelijke omstandigheden en betrokkenheid bepalend zijn voor het bestaan van een dienstbetrekking en daarmee voor het passiveren van pensioenverplichtingen, ook zonder formele gezagsuitoefening of schriftelijke afspraken.
Uitkomst: De aanslag vennootschapsbelasting wordt verminderd tot nihil en de pensioenverplichting over 1986-1991 wordt erkend.