ECLI:NL:GHAMS:1999:AA7829
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A. Schaap
- J. van Loon
- J.H. Meussen
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over aftrekbaarheid onderhoudskosten na verbouwing woning
Belanghebbende heeft zijn woning in 1995 gekocht en deze in 1996 en later jaren verbouwd. De inspecteur legde een aanslag inkomstenbelasting op waarbij de door belanghebbende opgevoerde onderhoudskosten werden gecorrigeerd omdat sprake zou zijn van een radicale vernieuwing van het pand. Belanghebbende betwistte dit en stelde dat de werkzaamheden slechts wijziging van de indeling en verplaatsing van voorzieningen betroffen, zonder ingrijpende bouwkundige veranderingen.
Het Hof heeft de bouwkundige indeling voor en na de verbouwing, de bouwtekeningen, foto's en het schouwrapport beoordeeld. Het oordeel is dat het casco van de woning, op een uitbouw en een dragende balk na, onveranderd is gebleven en dat de werkzaamheden niet zodanig ingrijpend waren dat er sprake is van nieuwbouw. Ook het aanzicht van het pand is nagenoeg gelijk gebleven.
De inspecteur kon niet aannemelijk maken dat de trap in goede staat verkeerde, hetgeen belanghebbende met een schouwrapport onderbouwde. De inspecteur baseerde zich deels op nieuwe jurisprudentie en een rapport van de Eenheid Registratie en Successie, maar dit leidde niet tot een ander oordeel.
Gelet op deze bevindingen vernietigt het Hof de uitspraak van de inspecteur, vermindert het belastbare inkomen tot negatief ƒ 24.586 en stelt de aanslag op nihil. Tevens veroordeelt het Hof de inspecteur in de proceskosten en gelast vergoeding van het griffierecht.
Uitkomst: De aanslag inkomstenbelasting 1996 wordt verminderd tot nihil omdat de verbouwing geen nieuwbouw betrof en de onderhoudskosten aftrekbaar zijn.