ECLI:NL:GHAMS:1998:AK3505
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- H.M.J.I. Steenbergen
- F.H.M. Possen
- J.J.A.M. Kennis
- K. Kooijman
- J.F.M. Giele
- Rechtspraak.nl
Vaststelling gewicht zending kaas en toepassing bezwaarprocedure douanewet
Belanghebbende diende een aangifte ten uitvoer in voor een zending Edamkaas met een opgegeven nettogewicht van 18.070 kilogram. Tijdens de controle werd een monsterweging verricht van een deel van de zending, waarna een correctie van 197 kilogram werd berekend, maar belanghebbende werd hiervan niet direct op de hoogte gesteld. Pas via de afrekening van het Produktschap vernam belanghebbende van deze correctie, waardoor zij niet tijdig kon verzoeken om heropneming zoals voorgeschreven in artikel 67 AWDA Pro.
Belanghebbende betwistte de correctie en stelde dat de procedure niet conform de wettelijke voorschriften was gevolgd, met name omdat zij niet was geïnformeerd over de uitkomst van de grondige opneming. De inspecteur voerde aan dat de monsters representatief waren en dat belanghebbende op de hoogte was van de wijze van weging, maar erkende dat de gemaakte afspraken niet met terugwerkende kracht konden worden toegepast.
De Tariefcommissie oordeelde dat de mededelingsplicht niet was nageleefd en dat belanghebbende daardoor niet in staat was haar rechten uit te oefenen. De correctie kon daarom niet als basis dienen voor het vaststellen van het gewicht. De beschikking van de inspecteur werd vernietigd en het oorspronkelijke gewicht van de aangifte werd aangehouden. Tevens werd het griffierecht aan belanghebbende vergoed.
Uitkomst: De beschikking van de inspecteur wordt vernietigd en het oorspronkelijke nettogewicht van 18.070 kilogram wordt aangehouden.