ECLI:NL:GHAMS:1997:AA4346
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Holdert
- Onnes
- Rijkels
- Rechtspraak.nl
Beoordeling wetsontduiking bij renteaftrek lening voor aankoop blote eigendom obligaties
Belanghebbende sloot in 1986 een leningsovereenkomst met Bank A te Zwitserland om obligaties aan te kopen, waarbij de lening en de aankoop nauw met elkaar verbonden waren. De lening diende binnen vijf jaar te worden afgelost en de rente werd jaarlijks vastgesteld.
De inspecteur weigerde de renteaftrek over het deel van de lening dat was gebruikt voor de aankoop van de blote eigendom van de obligaties, omdat hij aannam dat de transacties waren aangegaan met het doorslaggevende motief van belastingverijdeling. Het Hof oordeelde dat de transacties een voorzienbaar negatief economisch resultaat opleverden, afgezien van het belastingvoordeel.
Belanghebbende voerde aan dat sprake was van speculatie en dat het belastingvoordeel een ondergeschikte rol speelde, maar kon dit niet aannemelijk maken. Het Hof stelde vast dat het belastingvoordeel het enige doorslaggevende motief was en dat de renteaftrek daarom in strijd was met doel en strekking van de wet.
Het Hof bevestigde de uitspraak van de inspecteur en wees de renteaftrek af. Tevens werd geen proceskostenveroordeling opgelegd. De uitspraak werd op 3 januari 1997 door het Hof Amsterdam gewezen.
Uitkomst: De renteaftrek op de lening voor de aankoop van blote eigendom van obligaties wordt geweigerd wegens toepassing van het leerstuk van wetsontduiking.