ECLI:NL:GHAMS:1997:AA4182
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Holdert
- Onnes
- Rensema
- Rechtspraak.nl
Beoordeling boekverlies bij overbrenging landbouwgrond van ondernemings- naar privévermogen
Belanghebbende en zijn zoon exploiteerden een landbouwbedrijf en kochten in 1981 elk een gedeelte van een nabijgelegen landbouwbedrijf. Belanghebbende kocht 7,38 ha grond en verpachtte deze vanaf 1983 aan zijn zoon B, die een ligboxenstal bouwde en het land gebruikte voor zijn veestapel.
De kern van het geschil betrof of het boekverlies dat ontstond bij de overbrenging van de grond van het ondernemingsvermogen naar het privévermogen in 1990 in aanmerking kon worden genomen bij de winstberekening. Belanghebbende stelde dat de grond tot zijn ondernemingsvermogen behoorde omdat deze een functie vervulde in zijn onderneming.
Het Hof oordeelde dat belanghebbende de grond bij aankoop niet met de bedoeling had om deze in de onderneming te gebruiken, maar om deze te verpachten aan zijn zoon B. De waarde van de grond daalde door verpachting, waardoor het in redelijkheid niet tot het ondernemingsvermogen kon worden gerekend.
Daarom moest de grond vanaf aankoop tot het privévermogen worden gerekend en kon het boekverlies niet worden meegenomen bij de winstberekening. Het beroep van belanghebbende werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de inspecteur bevestigd.
Uitkomst: Het beroep van belanghebbende wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de inspecteur bevestigd.