ECLI:NL:GHAMS:1995:AA4573
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Holdert
- Van Ballegooijen
- Boersma
- Rechtspraak.nl
Waarde van certificaten aandelen a-NV in successierecht na overlijden erflaatster
Op 4 april 1986 is erflaatster overleden, gehuwd in algehele gemeenschap van goederen met X, met wie zij drie kinderen had. Tot de ontbonden huwelijksgemeenschap behoorden 3.601.013 certificaten van aandelen a-NV, uitgegeven door een Stichting Administratiekantoor waarvan X bestuurder was en die 51,75% van het aandelenkapitaal vertegenwoordigde.
De kern van het geschil betrof de waardering van deze certificaten voor het successierecht. De inspecteur had de certificaten gewaardeerd op de beurskoers van de aandelen, terwijl belanghebbenden een waardering volgens de Discounted Cash Flow Methode voorstelden. Het hof oordeelde dat noch de certificaten noch de aandelen voorkwamen in de prijscourant en dat de waardering moest plaatsvinden op basis van de economische waarde op het moment van overlijden.
Het hof stelde vast dat de beurskoers op dat moment niet volledig de economische realiteit weerspiegelde vanwege nog niet gemanifesteerde negatieve omstandigheden. Daarom moest zowel de beurskoers als de Discounted Cash Flow Methode worden meegewogen, waarbij de laatste methode een tweemaal zo zwaar gewicht kreeg. Verder werd rekening gehouden met waardedrukkende factoren zoals minderheidsbelang en certificering, en met belastinglatenties.
Uiteindelijk stelde het hof de waarde van de certificaten voor de kinderen vast op 90% van 450.000 maal de gewogen waarde minus tien procent vanwege certificering, en voor X op een hogere waarde met aftrek van latentie. Het hof vernietigde de eerdere uitspraak van de inspecteur en legde nieuwe aanslagen op op basis van deze waarderingen, met veroordeling van de inspecteur in proceskosten.
Uitkomst: Het hof vernietigde de uitspraak van de inspecteur en stelde de aanslagen in het successierecht vast op basis van een gecombineerde waardering van de certificaten.