ECLI:NL:GHAMS:1994:AA4549
Gerechtshof Amsterdam
- Eerste aanleg - meervoudig
- Dutmer
- Bijl
- Groeneveld
- Rechtspraak.nl
Beoordeling ondernemingsvermogen aandelen en obligaties bij apotheker
Belanghebbende, een apotheker en lid van de Coöperatieve Apothekersvereniging B, voerde beroep aan tegen de belastingaanslag over 1990 waarin de inspecteur de aandelen en obligaties van B tot zijn ondernemingsvermogen rekende. De kern van het geschil betrof de vraag of de rentevrijstelling van artikel 47a lid 3 Wet op de inkomstenbelasting 1964 van toepassing was, waarbij het privévermogen of ondernemingsvermogen bepalend is.
De statuten van B waren in 1988 gewijzigd, waarbij de verplichting tot het nemen van meerdere aandelen werd beperkt tot één aandeel. Belanghebbende stelde dat hierdoor het karakter van de aandelen en obligaties was gewijzigd en deze tot het privévermogen konden worden gerekend. Het hof oordeelde dat de wijziging in de statuten het ondernemingskarakter van de aandelen niet aantastte en dat ook de obligaties, die gekoppeld zijn aan het aandeelhouderschap, tot het verplichte ondernemingsvermogen behoren.
Belanghebbende voerde aan dat hij mocht vertrouwen op het standpunt van de inspecteur bij de aangifte van 1989, die de aandelen en obligaties als privévermogen had gevolgd. Dit vertrouwen werd door het hof verworpen omdat er geen rechtsgeldig vertrouwen kon worden ontleend aan het stilzwijgend volgen van de aangifte zonder expliciete toezegging.
Het hof bevestigde de uitspraak van de inspecteur en wees het beroep af, waarbij geen proceskosten werden toegewezen. De aandelen en obligaties van B worden derhalve als ondernemingsvermogen aangemerkt voor de belastingheffing over 1990.
Uitkomst: Het hof bevestigt dat aandelen en obligaties van B tot het verplichte ondernemingsvermogen van belanghebbende behoren.