ECLI:NL:CRVB:2026:331
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering ANW-uitkering wegens niet-verzekerd zijn van overleden echtgenoot
Appellante heeft een ANW-uitkering aangevraagd na het overlijden van haar echtgenoot, die in Marokko woonde en daar in 2022 overleed. De Sociale Verzekeringsbank (Svb) wees de aanvraag af omdat de echtgenoot op het moment van overlijden niet verzekerd was voor de ANW. De rechtbank Amsterdam verklaarde het beroep van appellante ongegrond en liet het besluit in stand.
Appellante ging in hoger beroep tegen deze uitspraak. De Centrale Raad van Beroep heeft het hoger beroep behandeld en beoordeeld of de rechtbank terecht het besluit in stand hield. De Raad concludeerde dat de echtgenoot niet verplicht of vrijwillig verzekerd was voor de ANW op het moment van overlijden, noch verzekerd was op grond van het socialezekerheidsverdrag tussen Nederland en Marokko.
De Raad oordeelde dat het feit dat de echtgenoot een AOW-pensioen ontving vanuit Nederland niet leidt tot recht op een ANW-uitkering. Omdat de echtgenoot geen ingezetene was en niet in Nederland werkte, was hij niet verzekerd voor de ANW. Het hoger beroep werd verworpen en het bestreden besluit bleef van kracht. Appellante kreeg geen vergoeding voor het betaalde griffierecht.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de weigering van de ANW-uitkering omdat de overleden echtgenoot niet verzekerd was voor de ANW.