ECLI:NL:CRVB:2025:1150
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.T.H. Zimmerman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor kosten saneringskrediet wegens schuldkarakter
Appellant, die sinds 2017 bijstand ontvangt, heeft bijzondere bijstand aangevraagd voor resterende kosten van een saneringskrediet dat het college in 2021 verstrekte om schulden over te nemen. Het college wees de aanvraag af op grond van artikel 13 lid 1 onder Pro g van de Participatiewet, omdat de kosten als schuld worden beschouwd en appellant over middelen beschikt om in de noodzakelijke kosten van het bestaan te voorzien.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel in hoger beroep. De Raad stelt vast dat het saneringskrediet de schulden van appellant heeft overgenomen en dat appellant daardoor een schuld aan het college heeft, waardoor bijzondere bijstand niet toekomt.
De Raad wijst het beroep af en overweegt dat appellant geen beroep kan doen op artikel 33 van Pro de beleidsregels bijzondere bijstand, omdat hij reeds is uitgesloten van bijstand op grond van artikel 13 lid 1 onder Pro g van de Participatiewet. De afwijzing van de aanvraag blijft daarmee in stand en appellant krijgt geen vergoeding van proceskosten.
Uitkomst: De afwijzing van de aanvraag om bijzondere bijstand voor de kosten van het saneringskrediet wordt bevestigd.