ECLI:NL:CRVB:2024:888
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beëindiging Ziektewetuitkering wegens verdiencapaciteit van meer dan 65% terecht
Appellant was ziekgemeld met psychische en fysieke klachten en ontving een Ziektewetuitkering. Na een eerstejaars ZW-beoordeling stelde een verzekeringsarts en arbeidsdeskundige vast dat appellant geschikt was voor passende functies en meer dan 65% van zijn loon kon verdienen. Het UWV beëindigde daarom de uitkering per 30 juli 2021.
Appellant voerde aan dat er onvoldoende rekening was gehouden met zijn concentratieproblemen, vermoeidheid en fysieke klachten zoals artrose, en dat het medisch onderzoek onvoldoende zorgvuldig was. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en de Centrale Raad van Beroep bevestigt dit oordeel. De Raad oordeelt dat het medisch en arbeidskundig onderzoek zorgvuldig en voldoende gemotiveerd is en dat er geen aanleiding is voor een urenbeperking.
De Raad wijst het hoger beroep af en bevestigt de beëindiging van de ZW-uitkering. Tevens wordt het verzoek om schadevergoeding en proceskosten afgewezen. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 2 mei 2024.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de beëindiging van de ZW-uitkering omdat appellant meer dan 65% van zijn loon kan verdienen.