Uitspraak
26 september 2023, 22/6364
PROCESVERLOOP
OVERWEGINGEN
BESLISSING
A. Giesen als griffier. De beslissing is uitgesproken in het openbaar op 5 april 2024.
Centrale Raad van Beroep
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam. Volgens de Algemene wet bestuursrecht is voor het indienen van een beroepschrift griffierecht verschuldigd, dat ook geldt voor hoger beroep. Appellante is bij brief en aangetekende brief gewezen op de verschuldigdheid van het griffierecht en de uiterste betaaldatum.
Het griffierecht van €136,- is niet binnen de gestelde termijn voldaan. Op basis van de beschikbare gegevens kan niet worden geoordeeld dat appellante niet in verzuim is geweest. Hierdoor is het hoger beroep kennelijk niet-ontvankelijk verklaard zonder verdere inhoudelijke behandeling.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door de enkelvoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 5 april 2024. Tegen deze uitspraak kan binnen zes weken schriftelijk verzet worden ingesteld.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-betaling van het griffierecht.