ECLI:NL:CRVB:2024:321
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens niet betalen griffierecht
Appellante heeft hoger beroep ingesteld tegen een uitspraak van de rechtbank Amsterdam. Volgens artikel 8:41 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) moet griffierecht worden betaald bij het indienen van een beroepschrift, en dit geldt ook voor hoger beroep conform artikel 8:108 Awb Pro.
Appellante is op 10 december 2022 en opnieuw op 10 januari 2023 schriftelijk gewezen op de verschuldigdheid van het griffierecht van €136,- en de betalingstermijnen. Ondanks deze aanmaningen is het griffierecht niet binnen de gestelde termijnen betaald.
De Centrale Raad van Beroep oordeelt dat appellante daardoor in verzuim is en verklaart het hoger beroep kennelijk niet-ontvankelijk. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak is gedaan door M.A.H. van Dalen-van Bekkum op 16 februari 2024.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdig betalen van het griffierecht.