ECLI:NL:CRVB:2024:32
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- J.T.H. Zimmerman
- Rechtspraak.nl
Afwijzing bijzondere bijstand voor tandartskosten wegens ontbreken zeer dringende redenen
Appellant vroeg bijzondere bijstand aan voor tandartskosten van €7.500, terwijl hij verzekerd was tot €1.250. Het college wees de aanvraag af omdat de Zorgverzekeringswet een voorliggende, toereikende en passende voorziening is. Appellant maakte bezwaar, maar het college handhaafde het besluit. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond.
In hoger beroep stelde appellant dat er zeer dringende redenen waren om toch bijstand te verlenen en dat het college onzorgvuldig was door geen nader onderzoek te doen. De Raad oordeelde dat appellant niet aannemelijk had gemaakt dat het niet verlenen van bijstand tot ernstige gezondheidsgevolgen zou leiden. De informatie van huisarts en tandarts volstond niet om een acute noodsituatie aan te tonen.
De Raad benadrukte dat zeer dringende redenen een schrijnende situatie vereisen waarbij weigering van bijstand onaanvaardbaar is. De verslechtering van de gebitssituatie achtte de Raad niet relevant voor het moment van aanvraag. Het hoger beroep werd afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: De aanvraag om bijzondere bijstand voor tandartskosten wordt afgewezen wegens ontbreken van zeer dringende redenen.