ECLI:NL:CRVB:2024:2191
Centrale Raad van Beroep
- Proces-verbaal
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag gesloten buitenwagen op grond van Wmo 2015 bevestigd
Appellante had bij het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam een aanvraag ingediend voor een gesloten buitenwagen (Canta) op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015. Het college wees deze aanvraag af en handhaafde dit besluit na bezwaar, onder verwijzing naar adviezen van het Indicatieadviesbureau Amsterdam (IAB) waarin werd geconcludeerd dat geen medische noodzaak bestond voor een gesloten buitenwagen.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond en liet het besluit in stand. Appellante voerde in hoger beroep aan dat er wel sprake was van een medische contra-indicatie voor reizen in de buitenlucht, waardoor zij aangewezen zou zijn op een gesloten buitenwagen.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat het college terecht het besluit baseerde op de adviezen van het IAB en dat uit de medische stukken niet blijkt dat er een medische contra-indicatie bestond voor reizen in de buitenlucht gedurende de relevante periode. Tevens is appellante een persoonsgebonden budget voor een scootmobiel verstrekt, waartegen zij geen bezwaar heeft gemaakt.
Daarom slaagt het hoger beroep niet en wordt de uitspraak van de rechtbank bevestigd. Appellante krijgt geen vergoeding van proceskosten of griffierecht.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt verworpen en de afwijzing van de aanvraag voor een gesloten buitenwagen wordt bevestigd.